Optimaal bedrijfsmanagement met bodem-, mest-, water-, gewas- en voedersanalyses voor hogere opbrengst en duurzame winst.
Data over bodem, gewas en voer voor betere sourcing, traceerbaarheid en duurzame beslissingen in de keten.
Data over bodemgezondheid, nutriënten en gewasprestaties voor gerichte toepassingen en slimmere productontwikkeling.
Inzicht in bodemkwaliteit en nutriëntenbalans voor gezond en optimaal beheer van gras en groen.
Betrouwbare analyses, duidelijke data en praktisch advies om opbrengst, duurzaamheid en bedrijfsresultaat te verbeteren..
Ondersteuning met datagedreven oplossingen die veredeling, productie en kwaliteitsborging verbeteren.
Gevalideerde data over bodem, gewas en nutriënten voor financiering en duurzaamheidsplatforms met traceerbare data.
Inzicht in bodem- en ruwvoerkwaliteit voor optimaal weidebeheer en een gezond leefklimaat.
Nauwkeurige analyses en heldere inzichten om productie te optimaliseren, duurzaamheid te verbeteren en advies te versterken.
Datagedreven inzicht in bodem, gewas en nutriënten voor het ontwikkelen van slimmere en nauwkeurigere machines.
Betrouwbare data voor beleid, duurzaam landgebruik en infrastructuurplanning en onderzoek.
Weergeven in een andere taal
Boterzuur is een vluchtig vetzuur, net als azijnzuur en propionzuur, met een zeer penetrante geur, te vergelijken met zweetvoeten of een sterke kaasachtige geur, en een onaangename smaak. Boterzuur wordt geproduceerd door boterzuurbacteriën in slecht geconserveerde gras- en maïskuil. De geur van boterzuur is daarom kenmerkend voor slechte, natte graskuil. De vorming van boterzuur kan grotendeels worden voorkomen door het kuilvoer goed aan te rijden, het gras te hakselen, het voor te drogen, het snel af te dekken en bijvoorbeeld kuiltoevoegmiddelen te gebruiken.
Boterzuur is een belangrijk onderdeel van de Conserveringsindex die door Eurofins Agro Testing is ontwikkeld. De norm voor het boterzuurgehalte is < 3 g/kg droge stof. Hoe meer het gehalte in een graskuil de norm overschrijdt, hoe lager de Conserveringsindex.
Boterzuurbacteriën zijn anaerobe bacteriën, wat betekent dat ze zonder zuurstof groeien, van de soort Clostridium (tyro)butyricum, en ze komen van nature veel voor in water, bodem en mest. Boterzuurbacteriën zijn sporenvormende bacteriën. Sporen zijn bacteriën die zich in een zogenoemde rusttoestand bevinden en zeer bestand zijn tegen droogte, hitte en andere extreme omstandigheden. Op deze manier kunnen ze jarenlang overleven en onder gunstige omstandigheden opnieuw uitgroeien tot schadelijke bacteriën.
Via strooisel, mest en vooral slechte kuil kunnen boterzuurbacteriën en sporen in melk terechtkomen. In tegenstelling tot boterzuurbacteriën overleven de sporen het pasteurisatieproces van melk en kunnen ze problemen veroorzaken bij de kaasbereiding, zoals een ranzige smaak. Wanneer de gehaltes te hoog zijn, geven melkproducenten waarschuwingen af en passen zij kortingen toe op de melkprijs.
In de pens worden vluchtige vetzuren (azijnzuur, propionzuur en boterzuur) gevormd door pensmicroben. Boterzuur wordt vooral gevormd bij de afbraak van suikers en onbestendig zetmeel.
Boterzuur en, in mindere mate, propionzuur stimuleren de groei van penspapillen. Deze penspapillen vergroten het absorptieoppervlak en zijn essentieel voor de opname van de gevormde vluchtige vetzuren via de penswand. In een rantsoen met een zeer hoge structuurwaarde (bijvoorbeeld tijdens droogstand) kunnen de penspapillen degenereren, wat de pensstabiliteit in gevaar kan brengen en pensverzuring kan veroorzaken.