Bedrijfsspecifieke Excretie (BEX)

Definitie

Bedrijfsspecifieke Excretie (BEX) is een rekenmethode waarmee de stikstof- (N) en fosforexcretie (P) van een melkveebedrijf bedrijfsspecifiek wordt vastgesteld. In tegenstelling tot forfaitaire normen gebruikt de BEX bedrijfsgegevens over voer, voorraden en melkproductie.
De BEX maakt onderdeel uit van de KringloopWijzer 

De berekening bepaalt hoeveel N en P daadwerkelijk door de veestapel wordt uitgescheiden, op basis van de aangevoerde en verbruikte voedermiddelen en de gerealiseerde melkproductie.

Belangrijk

  • Exact inzicht in nutriëntenbenutting
    De BEX toont hoe efficiënt het bedrijf eiwit, energie, stikstof en fosfor benut.
  • Voordeel in mestboekhouding mogelijk
    Lagere excretie (hogere efficiëntie) kan leiden tot minder mestafzet en gunstigere gebruiksnormen.
  • Indicator voor duurzaamheid
    Efficiënte benutting van N en P betekent minder verliezen naar bodem, lucht en water.
  • Ondersteunt management en optimalisatie
    De resultaten geven gerichte inzichten voor rantsoenbeheer en bedrijfsverbetering.

Werking van de BEX‑berekening

De BEX koppelt gevoerd ruwvoer en krachtvoer, voorraden, en melkproductie aan elkaar.

Stap 1 — Vaststellen VEM‑behoefte
De totale VEM die nodig was voor de gerealiseerde melkproductie wordt berekend.

Stap 2 — Verrekening van het krachtvoer
De VEM uit krachtvoer wordt afgetrokken van de totale VEM‑behoefte.

Stap 3 — Verrekening van ruwvoervoorraden
Begin- en eindvoorraden van graskuil, maïskuil en overige voedermiddelen worden verrekend.

Stap 4 — Toewijzing aan vers gras
Het verschil tussen VEM‑behoefte en gevoerde VEM wordt toegewezen aan vers gras, waarvoor forfaitaire N‑ en P‑waarden gelden.

Stap 5 — Berekening excretie
Uit de totale N- en P‑aanvoer minus de productafvoer volgt de bedrijfsspecifieke excretie.

Achtergrond

De BEX is ontwikkeld om meer recht te doen aan bedrijfsverschillen dan standaardforfaits.
Verschillen in:

  • kwaliteit van ruwvoer (kuiluitslagen)
    rantsoenopbouw
  • melkproductieniveau
  • type management
    hebben directe invloed op excretie en worden via de BEX zichtbaar.

Toepassing in de praktijk

  • Optimalisatie van rantsoen en kuilkwaliteit
    Door kuilanalyses en BEX‑resultaten te combineren, kan het bedrijf gericht sturen op betere eiwit- en energiebenutting.
  • Inzicht in kringloopprestaties
    De BEX ondersteunt duurzaam mineralenmanagement.
  • Vergelijking tussen jaren of bedrijven
    BEX maakt monitoring van voerstrategieën en managementkeuzes mogelijk.

Relatie met kuilanalyses

Kuiluitslagen zijn essentieel in de BEX‑berekening.
Ze bepalen:

  • VEM‑gehalte van ruwvoer
  • ruw eiwit (RE) en dus stikstofaanvoer
  • NDF, VCOS en overige voederwaarden

Nauwkeurige analyses leveren daarmee een beter BEX‑resultaat en geven handvatten voor rantsoenoptimalisatie.

Interpretatie

Een lagere BEX‑excretie betekent:

  • efficiëntere benutting van stikstof en fosfor
  • minder verliezen
  • potentieel voordeel in gebruiksnormen

Er bestaan geen vaste streefwaarden, omdat iedere bedrijfsvoering anders is. De trend over de jaren geeft het meest waardevolle inzicht.

Meer informatie

  • Kennisdossier: KringloopWijzer
  • Thema’s: Stikstofbenutting, Kuilanalyse, Mineralenmanagement

Gerelateerde producten

 Voederwaarde